4 Season Inspiration winter sneeuw feiten

Als ik iets leuk vind aan de winter is het wel sneeuw. Elk jaar droom ik weer van een witte kerst, helaas mocht het niet zo wezen. Maar nu hebben we toch sinds gisteren sneeuw! Maar wat is sneeuw precies?

1. Sneeuw is niet wit.
Eigenlijk heeft sneeuw geen kleur. Net als ijs, is sneeuw doorschijnend. Alleen: omdat de kristallen in sneeuwvlokken werken als prisma’s breken die het licht op in een veelheid van kleuren. Die kleuren botsen tussen de sneeuwvlokken, weerspiegelen en absorberen het licht en het resultaat is dat we wit zien.

2. Sneeuw is een mineraal, net als diamant en zout.

3. De gemiddelde sneeuwvlok bevat 180 miljard watermoleculen.

4. Te veel sneeuw kan je gek maken.
Pibloktoq is een vorm van hysterie die voorkomt bij mensen die rond de Noordpool leven. Symptomen zijn onder meer echolalia, het zinloos herhalen van woorden, en naakt door de sneeuw lopen.

5. In het centrum van bijna elke sneeuwkristal zit een onooglijk stofdeeltje.
Dat kan vulkanische as zijn, maar ook een buitenaards partikeltje.

6. Wanneer een sneeuwkristal zich rond dat stofdeeltje vormt, wordt zijn vorm gewijzigd door vochtigheid, temperatuur en wind.

7. Zwarte sneeuw gezien? Het kan echt.
Af en toe valt er zwarte, maar ook rode of gele sneeuw. Dat is vermoedelijk toe te schrijven aan pollen in de lucht, stof of as en roet.

8. Rode sneeuw kan je beter niet eten.
De zogenaamde ‘watermeloensneeuw’, roodachtige sneeuw die naar verse watermeloen ruikt, verkrijgt zijn kleur door gepigmenteerde algen die in ijs groeien. De sneeuw smaakt heerlijk, maar je krijgt er geheid diarree van.

9. De meeste sneeuwkristallen zien er helemaal niet uit als de decoraties die je in de kleuterklas uit gevouwen papier knipte.
Doorgaans zijn sneeuwvlokken hele groepen aaneengeklitte van die perfect symmetrische kristallen.

10. Geen twee sneeuwvlokken zijn gelijk? Ook dat is een fabeltje.
In hun prilste groeistadium zijn heel wat sneeuwkristallen bijna identiek, en eens volgroeid zijn ze ook heel gelijkwaardig.

11. Versgevallen sneeuw bestaat voor 90 tot 95 procent uit lucht, waardoor het een perfecte thermische isolatie vormt.

12. Volgens het Guinness Book of Records is de grootste ooit waargenomen sneeuwvlok een knoert met een diameter van 38 cm die in 1887 in het Amerikaanse Fort Keogh in de staat Montana viel.

13. Aan de polen sneeuwt het zelden.
De sneeuwstormen daar zijn niets meer dan rondwaaiende oude sneeuw.

14. Dat de Inuit (noemt u ze gerust eskimo’s, maar niet in hun bijzijn) honderden woorden hebben voor ‘sneeuw’, is onwaar.
Volgens taalkundigen hebben de Inuit danig, mede door het grote isolement van de verschillende leefgemeenschappen, danig veel dialecten en zoveel manieren om een woord uit te spreken dat het enkel maar lijkt alsof er ontelbare woorden voor ‘sneeuw’ bestaan.

15. ‘Snowflake Bentley’ nam in 1885 de eerste foto’s van sneeuwkristallen door een camera aan een microscoop te bevestigen en de bevroren kristallen te manipuleren met een veertje van een kalkoen. Hij fotografeerde meer dan 5.000 kristallen. De arme stakker overleed aan een longontsteking.

16. Volgens de ‘Sneeuwbal Aarde’-theorie was onze planeet 600 miljoen jaar geleden volledig bedekt met sneeuw en ijs. Andere wetenschappers beweren dat geen enkele complexe levensvorm dergelijk Winter Wonderland had kunnen overleven.

17. Het wereldrecord sneeuwval in één seizoen staat op naam van Mount Baker in de Amerikaanse staat Washington, waar in 1998-1999 bijna 29 meter sneeuw viel in één winter.

18. Sneeuw zorgt voor stilte.
De lucht in verse sneeuw kan geluidsgolven absorberen en gevangen houden. Maar van zodra het oppervlak van de verse sneeuw hard wordt, weerkaatst de sneeuw het geluid, waardoor het veel verder reikt.

  • bron: AD